Elke keer als we bang zijn, moeten we ons iets herinneren

Angst

“Luister jongens,” begon ik, terwijl het geluid van de donder in de verte echoëerde en bliksemschichten de donkere avondhemel van de Italiaanse Alpen doorkliefden. We zaten veilig in onze caravan en tent op de camping, omringd door de heftig kabaalmakende hagelstenen zo groot als pingpongballen die ons danig lieten verlangen naar gewone regen, het gewone rustgevende geruis van de regen. Dit was heftig.

De jongens zaten bij hun moeder op ons bed, hun ogen groot en alert in het zwakke licht dat ons caravanlicht wierp. Ze waren stil, afwachtend, de spanning van de storm leek hun adem in te houden.

“Weet je,” vervolgde ik, “elke keer als we bang zijn, moeten we ons iets herinneren.” Ik pauzeerde even, liet ze de woorden op zich in laten werken terwijl een nieuwe donderslag door de lucht rommelde.

“Bang zijn is normaal. Het is een natuurlijke reactie op onbekende of potentieel gevaarlijke situaties zoals deze. Maar we moeten onthouden dat angst slechts een gevoel is. Het komt en het gaat. En belangrijker nog, we hebben de kracht om er overheen te komen.”

Ik zag de oudste knikken, terwijl de jongste mijn hand vastgreep. Ik kneep zachtjes terug, een stille belofte van veiligheid.

“Denk aan een kikker,” zei ik, mijn stem kalm en stabiel tegen de achtergrond van het onweer. “Een kikker kan springen, toch?”

Ze knikten weer. “Maar voordat een kikker springt, gaat hij eerst omlaag. Hij verzamelt al zijn kracht en dan… springt hij omhoog, hoger dan je ooit zou verwachten. Onze angst is net als die neerwaartse beweging. Het lijkt alsof we omlaag gaan, alsof we verliezen. Maar eigenlijk verzamelen we gewoon onze kracht. En wanneer we klaar zijn, springen we. We overwinnen onze angst, en we springen hoger en verder dan we ooit hadden gedacht.”

Er volgde een stilte, slechts onderbroken door het geluid van de dikke regendruppels op het caravandak en het occasionele rommelen van de donder. Toen sprak de oudste, zijn stem vastberaden: “Ik ben de kikker. Ik spring.”

Zijn broertje herhaalde zijn woorden en ze lachten, een geluid dat helder en vreugdevol was tegen de achtergrond van het dreigende onweer.

Die nacht, omringd door de schoonheid en de woede van de natuur, leerden mijn jongens een waardevolle les over het omgaan met angst. Ze leerden dat angst een deel van het leven is, maar dat het hen niet hoeft te beheersen. Ze leerden dat ze sterker zijn dan ze denken, dat ze kunnen springen, net als de kikker. En bovenal leerden ze dat ze altijd op elkaar kunnen rekenen, wat er ook gebeurt.

Verwante artikelen

Reacties

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *